Sectie 2 - Hoofdstuk 1
Definities

Onder de collectieve arbeidsovereenkomst (“CAO”) wordt verstaan deze overeenkomst tussen de Werkgever en de Vakbond met de daarbij behorende bijlagen. In deze CAO wordt verstaan onder:

a. De Werkgever

De Werkgever(s) zoals genoemd in Artikel ‎1.1 van Sectie 1, vertegenwoordigd door de betreffende Raad van Bestuur.

b. De Werknemer

De persoon die een arbeidsovereenkomst [3] is aangegaan met de Werkgever, tenzij deze persoon:

a. de AOV-gerechtigde leeftijd heeft bereikt;

b. incidenteel gedurende de schoolvakantie werkzaam is, voor een periode van maximaal 10 aaneengesloten weken (vakantiekracht);

c. werkzaam is voor het op projectbasis verrichten van tijdelijke activiteiten;

d. voorzitter van de Raad van Bestuur is, waarbij onder voorzitter van de Raad van Bestuur wordt verstaan degene, die belast is met de beleidsvoorbereiding, en het totale beheer van de Werkgever en daarvoor rechtstreeks verantwoording verschuldigd is aan de Raad van Toezicht. De Werkgever bepaalt wie volgens deze begripsbepaling de voorzitter van de Raad van Bestuur is;

e. als eilandarts (alleen geldend voor Saba en Sint Eustatius) en/of medisch specialist werkt.

f. een (mbo) student is die uit hoofde van een opleiding en op basis van een leer-arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, te weten voor de duur van de opleiding, in dienst treedt. (Geldt alleen voor Fundashon Mariadal).

c. Relatiepartner/kind/gezinsleden

1. Onder Relatiepartner wordt verstaan de geregistreerde partner, dan wel degene met wie de Werknemer ongehuwd samenleeft. Van ongehuwd samenleven is sprake indien twee ongehuwde personen een gemeenschappelijke huishouding voeren met uitzondering van bloedverwanten in de eerste of tweede graad. Om dit te bewijzen dient de Werknemer aan de Werkgever een bewijs van inschrijving van het bevolkingsregister te kunnen overleggen.

2. Onder Kind(eren) wordt verstaan de minderjarige persoon:

a. die uit de vrouwelijke Werknemer is geboren, dan wel door de vrouwelijke Werknemer is geadopteerd conform artikel 1:198 van het Burgerlijk Wetboek BES;

b. die tijdens het huwelijk van de mannelijke Werknemer is geboren;

c. die door de mannelijke Werknemer is erkend;

d. ten behoeve van wie brieven van vaderschap zijn verleend ten aanzien van de mannelijke Werknemer in de zin van artikel 1:199 van het Burgerlijk Wetboek BES;

e. die door de mannelijke Werknemer is geadopteerd conform artikel 1:199 van het Burgerlijk Wetboek BES;

f. die niet is genoemd onder de hiervoor genoemde leden, maar conform het Burgerlijk Wetboek BES als kind van de mannelijke Werknemer wordt beschouwd.

g. die als stiefkind van de Werknemer wordt beschouwd;

h. die als pleegkind van de Werknemer wordt beschouwd. Met pleegkind in deze CAO wordt bedoeld het kind dat door de Werknemer wordt onderhouden en opgevoed als ware hij een eigen kind.

3. Onder Kind wordt tevens verstaan het meerderjarige kind van de Werknemer dat vanwege een handicap tot het huishouden van tenminste één van beide ouders blijft behoren

4. Onder Gezin en Gezinsleden wordt verstaan de echtgeno(o)t(e), of de Relatiepartner en/of het Kind waarvan de Werknemer samen met de echtgeno(o)t(e), of de Relatiepartner voor meer dan 90% in het onderhoud voorziet.

d. Salaris

Het voor de Werknemer geldende bruto basis maandsalaris in USD, zonder overwerkvergoeding, ORT, gratificaties, etc.

e. Uurloon

Onder Uurloon wordt verstaan 1/173,33 deel van het Salaris dat gebaseerd is op een Voltijd dienstverband.

f. Cao-bedragen  

Alle bedragen genoemd in de CAO zijn bruto bedragen in USD tenzij anders vermeld.

g. Arbeidsongeschiktheid

De toestand waarin de Werknemer verkeert, die als gevolg van ziekte, ongeval of anderszins gedurende een etmaal of langer niet in staat is om zijn normale arbeid te verrichten of deze arbeid zo lang niet mag verrichten hetzij om een medisch noodzakelijk onderzoek mogelijk te maken hetzij om te voorkomen dat zijn genezing wordt belemmerd, dan wel om besmetting van anderen te voorkomen.

h. Feestdagen

1. De in artikel 23 van de Arbeidswet 2000 BES genoemde Feestdagen. Hieronder vallen: Nieuwjaarsdag; Goede Vrijdag; Eerste en Tweede Paasdag; Hemelvaartsdag; Pinksterzondag; Eerste en Tweede Kerstdag; de dag waarop de verjaardag van de Koning officieel wordt gevierd; de Dag van de Arbeid, althans de dag waarop het wordt gevierd; voor het openbaar lichaam Saba en St. Eustatius de datum vallende na de datum van de gehouden Carnavalsoptocht; voor het openbaar lichaam Bonaire de dag waarop de viering van Dia di Rincon plaatsvindt; de datum 6 september voor het Openbaar Lichaam Bonaire, de datum 16 november voor het Openbaar Lichaam Sint Eustatius en de datum van de eerste vrijdag van december voor het Openbaar Lichaam Saba.

2. Indien een wijziging van de Arbeidswet 2000 BES voor wat betreft de Feestdagen gedurende de looptijd van de CAO plaatsvindt, zal de gewijzigde bepaling van toepassing zijn.

i. Vakbond

De Vakbond(en) zoals genoemd in Artikel ‎1.1 Sectie 1.

j. Kalenderjaar

De periode van 1 januari tot en met 31 december.

k. Partijen

De Werkgevers en de Vakbonden als genoemd in artikel 1.1 Sectie 1.

l. Zorgvrager  

Waar in de CAO wordt gesproken van zorgvrager dient hieronder te worden verstaan patiënt en/of cliënt en of bewoner.

m. Arbeidswet 2000 BES [4]

Voorheen Landsverordening van de 27ste juli 2000 houdende vaststelling van nieuwe regels inzake Arbeidsduur, Arbeidstijden en Overwerk. Bij de uitvoering van deze CAO geldt dat de Arbeidswet 2000 BES van toepassing is op de Werknemer waarvan het bruto jaarinkomen minder bedraagt dan 260 maal het dagloon als bedoeld in artikel 3 van de Arbeidswet 2000 BES. Voor bepaalde Werkgevers geldt een afwijkende regeling waarbij het bruto jaarinkomen grens op een hoger niveau wordt vastgesteld. Afwijkende regelingen voor zoverre van toepassing zijn opgenomen in Sectie 3.  

n. Arbeidsduur

Het aantal uren dat de Werknemer per Week of per dag werkt met uitzondering van Overwerk.

o. Voltijd dienstverband

Van een voltijd dienstverband is sprake indien de Arbeidsduur van de Werknemer 40 uur gemiddeld per Week bedraagt.

p. Deeltijdwerker

Een deeltijdwerker is de Werknemer voor wie de Arbeidsduur gemiddeld minder dan 40 uur per Week bedraagt.

q. Arbeidstijd

De tijdstippen waarbinnen de Werknemer arbeid verricht.

r. Werktijden

De tijdstippen van aanvang en beëindiging van de arbeid.

s. Rustdag:

De zondag dan wel de dag die voor de Werknemer, die op zondag Schemawerk verricht, volgens zijn werkrooster voor de zondag in de plaats komt.

t. Rusttijden

De tijd gedurende welke het de Werknemer verboden is, anders dan bij wijze van Overwerk, arbeid te laten verrichten in de zin van artikel 9 arbeidswet 2000 BES. De groep Werknemers waar deze definitie van toepassing op is, verschilt per Werkgever en wordt verder uitgewerkt in Sectie 3.

u. Schemawerk

Arbeid, niet zijnde Overwerk, verricht door een Werknemer volgens een periodiek rooster op verschillende, met het oog op de aard van de onderneming noodzakelijke, tijdstippen waardoor de Arbeidstijd geheel of gedeeltelijk valt binnen de Rusttijd van de Werknemer niet-schemawerker.

v. Werknemer-schemawerker

De Werknemer die Schemawerk verricht.

w. Werknemer-niet schemawerker

De Werknemer die geen Schemawerk verricht.

x. Week

Een periode van zeven opeenvolgende dagen.

y. Overwerk

Arbeid van de Werknemer, verricht gedurende de voor de Werknemer geldende Rusttijd, en arbeid die ten aanzien van de Werknemer de maximale Arbeidsduur op basis van de Arbeidswet 2000 BES, per dag of per Week overschrijdt. Er kan alleen sprake zijn van Overwerk wanneer de Werkgever hier op voorhand opdracht voor heeft gegeven. De groep Werknemers waar Overwerk op toepassing voor is, verschilt per Werkgever en wordt verder uitgewerkt in Sectie 3.

z. Betaald Bijzonder verlof

In deze CAO wordt verstaan onder betaald bijzonder verlof het door de Werknemer op grond van deze CAO op te nemen aantal uren waarop normaliter arbeid behoeft te worden verricht maar wegens de door de Werkgever goedgekeurd verlof geen arbeid verricht hoeft te worden. Deze uren tellen mee bij de vaststelling van de totale Arbeidsduur.

aa. Onbetaald verlof

In deze CAO wordt verstaan onder onbetaald verlof het recht op vrij van iedere dienst. Het op grond van deze regeling verleende onbetaald verlof wordt bij de vaststelling van de totale Arbeidsduur buiten beschouwing gelaten. Gedurende de periode van onbetaald verlof wordt er op verzoek van de Werknemer geen arbeid verricht en derhalve geen loon uitgekeerd, geen vakantieuren/rechten opgebouwd, en geen ziektekostenpremie en/of andere premies afgedragen.

bb. ZJCN

Zorg en Jeugd Caribisch Nederland.

In Sectie 3 zijn aanvullende definities opgenomen die gelden tussen de Werkgever en de Werknemer.

[3] Een stagiaire kent geen arbeidsovereenkomst met de Werkgever en is daarmee geen Werknemer zoals bedoeld in sub b. indien de door de stagiaire verrichte werkzaamheden primair zijn gericht op het vergroten van de eigen kennis van en het opdoen van werkervaring door de stagiaire.

[4] Een actuele versie van de wetstekst is te vinden op www.overheid.nl.

Samen voor de zorg

Samen bouwen aan sterke en toekomstbestendige zorg in Caribisch Nederland

Word onderdeel van een gemeenschap van werkgevers en partners die samenwerken, kennis delen en goede arbeidsvoorwaarden centraal stelt.

Sluit je aan bij UIC
Unite in Care Caribisch Nederland